58 minuten geleden
Ik reed achter 2 fietsen. 1 (naar ik veronderstel een moeder met een kind en op de ander de moeder van de moeder (ook een veronderstelling, het kon ook een kennis zijn of weet ik veel) de oudere vrouw kreeg mij in de gaten en maakte de de voor rijdende vrouw met kind duidelijk dat ze naar recht moest op het fietspad. Toen ik in haalde zei zij¨ "Een banaanfiets!" Ik (rijdende op mijn tweewielige Grasshopper), zei: "Nee hoor!"en toen ik naast het kind reed vroeg ik aan hem: "Lijkt mijn fiets op een banaan?" "Nee!" riep het jongetje. "Een ligfiets!" zei de moeder.
Groet,
Marco
Groet,
Marco


